dank | artikelen | recensies | blogs
nederlands | english
VERLIEFD OP GELUIDEN
Verliefd op geluiden
door Joke Dame, september 2008
Het moment dat je in de zaal zit

en de lichten even bij je uitgaan,
dat is vaak niet te duiden. Het
gaat over hoge kwaliteit of een
geniale vondst. Op zo’n (...)

Steentjes in de vijver gooien
door Vrouwkje Tuinman, februari 2007
Een werk voor zes strijkers,

waarvan één er niet in slaagt te
beginnen en de andere vijf zich
hoorbaar daaraan ergeren. Mayke
Nas schreef met 'Z.O.Z.' een (...)

Misschien ben ik wel een gelegenheidscomponist
door Anthony Fiumara, november 2006
Laatst moest ik een lezing geven
over mijn werk, over waar ik mee
bezig ben als componist. Toen
bedacht ik me ineens: misschien
ben ik wel een gelegenheids- (...)

10 redenen om te componeren
door Thea Derks, juli 2003
Pas afgelopen juni studeerde ze
af aan het Koninklijk Conservato-
rium van Den Haag. Toch com-
poneerde Mayke Nas al voor het

tv-progamma 'Reiziger in (...)

Mens en melodie, september 2008
Door Joke Dame

‘Het moment dat je in de zaal zit en de lichten even bij je uitgaan, dat is vaak niet te duiden. Het gaat over hoge kwaliteit of een geniale vondst. Op zo’n moment denk je: dit is het, dit is waarom we met z’n allen muziek zitten te maken.’ Zegt Mayke Nas. Als het om haar eigen werk gaat, wil ze wel een betekenisvolle daad stellen. Er moet iets gebeuren. Een aardig moment op een avond is misschien leuk, maar niet goed genoeg.

Het buitenland ontdekt Mayke Nas. De Nederlandse componiste was in juli te horen in de Verenigde Staten, en haar muziek doet komende herfst België, Australië, Italië en China aan. Over belangstelling uit eigen land heeft Nas ook niet te klagen. Ze wordt regelmatig gespeeld, verwerft compositieopdrachten van belangrijke ensembles en krijgt overwegend positieve respons van spelers en publiek. Mayke Nas: ‘Ik zou best groot zelfvertrouwen kunnen ontlenen aan alle reacties op mijn muziek. Maar meestal weet ik niet zo goed raad met complimenten. Aan de andere kant, kreeg ik ze niet, die schouderklopjes en opdrachten die voortvloeien uit alle waardering, dan weet ik niet zeker of ik wel componist zou zijn.’

Vonkje
Enerzijds, anderzijds - dat ambivalente denken kenmerkt de 36-jarige Mayke Nas. Is ze onzeker? Dat niet. Ze is een zoeker, meer geïnteresseerd in de vragen dan de antwoorden, maar poogt bij ieder stuk opnieuw iets te maken dat iets betekent, een muzikale deur opent en haar op een plek brengt waar ze nog niet is geweest.
En ze kijkt kritisch naar zichzelf. Ze weet pas achteraf, bij de repetitie of de uitvoering, of het goed is wat ze heeft gemaakt. ‘Tijdens het componeren krijg je wel eens een soort koorts. Dan denk je: dit zou wel eens zó mágisch móói zou kunnen zijn. Met dat vonkje ben ik op zoek en als het te lang ontbreekt tijdens het werk, maak ik me ernstige zorgen. Maar je weet het niet. Je papier tegenover je zwijgt. Ik zoek voortdurend naar nieuwe dingen, omdat mijn nieuwsgierigheid me steeds weer naar andere hoeken dwingt en ik snel verveeld ben. Daarom schrijf ik tot nu toe vaak korte stukken. Ik kan bovendien maar een korte tijd naar mezelf luisteren.’
Als je op zoek bent naar nieuwe dingen dan verlies je de mogelijkheid om zekerheid te ontlenen aan eerdere ervaringen, weet Nas die liever het risico neemt de opdrachtgever te moeten opbellen met: sorry, maar dit wordt het niet meer, dan haar beproefde successen te herhalen. ‘Je moet er dan maar op vertrouwen dat je intuïtie en je voorstellingsvermogen je op het goede pad houden. Je moet er ook op vertrouwen dat je later de musici nog van alles kunt uitleggen, want die partituur blijft een onbeholpen hulpmiddel, hoe nauwkeurig ik ook alles probeer weer te geven in die bolletjes en lijntjes. Ik vind de repetities dan ook altijd nog een belangrijk moment om een paar dingen over te brengen op de spelers. Waardoor zij misschien ook dat vonkje waarmee ik het heb zitten maken zien en begrijpen, en daardoor weer op het publiek kunnen overbrengen.’

Burger
Vraag Mayke Nas liever niet naar haar biografie. O zeker, de feiten staan keurig op haar website vermeldt – studeerde piano en compositie bij onder anderen Martijn Padding, Daan Manneke, Alexandre Hrisanide en Bart van de Roer - maar ze aarzelt steeds meer om dit soort gegevens zo aan derden te verschaffen. Nas: ‘Ik snap wel dat mensen de route willen weten waarlangs iemand is gekomen waar hij nu is, maar de route van de feitelijkheden zegt op zich niks. Als je programmaboekjes leest, zie je dat iedereen van die mooie lijstjes heeft met gestudeerd bij die en die, masterclasses gevolgd bij zus en zo, deze belangrijke prijzen gewonnen en die opdrachten gekregen van de volgende chique ensembles. Dat zegt dus helemaal niets. Alternatieve cv’s zeggen vaak meer. Zoals van Luc Ferrari die werkt met een wensen-cv. Daar staat zoiets als: Zou willen dat hij geboren was daar en daar, maar hij moest het doen met een plaatsje als dit of dat; zijn moeder was een ... of misschien deed ze wel iets anders. Kijk, dat zegt alles over zo’n man. Richard Ayres biedt als cv een driekeuzemenu aan en dat zegt ook zoveel over hem; veel meer dan de zogenaamde feiten. Ik ben dus nog op zoek naar de cv die mij kenmerkt.
Een cv is een uithangbordje waarop staat wat jíj belangrijk vindt, waarop jíj je wil laten voorstaan en kan dus vele vormen hebben. Ik ben tot nu toe een hele brave burger geweest een heb hele brave biografietjes heb rondgestuurd.’
Haar huidige feitenrijtje eindigt met een beschrijving van het op fluxus geïnspireerde stuk Anyone can do it voor zes volledig onvoorbereide spelers, niet noodzakelijkerwijs begenadigd met enig muzikaal talent. ‘Dat vind ik dan al leuk. Het zegt iets over mij. Namelijk dat ik in een wereld wil wonen waar mensen in staat worden gesteld om dit soort rare dingen te doen.’

Geluidsculptuur
Ironie en humor zijn nooit ver weg bij de stukken van Mayke Nas. Maar niet als afweergeschut, stelt de componiste nadrukkelijk, het heeft te maken met een prettige verwarring. ‘Ik hou van het spel dat iets bloedserieus zou kunnen zijn, waarvan je misschien zelfs bang moet worden, en waarvan je tegelijkertijd van nervositeit zou moeten giechelen. De grap hoeft niet gezien te worden door mensen die een puur serieus willen stuk horen. Maar ik vind het fijn als er een onderlaag in zit met een knipoog of als er een moment is dat mogelijk alles onderuit kan halen. Dat maakt een stuk juist scherper. Het is mooi als mensen die knipoog herkennen, als ze gaan twijfelen of het dan toch misschien niet serieus is. Soms wordt er ook echt gelachen in de zaal, maar mijn drijfveer is het niet om een mop te vertellen. Mij drijft het verlangen een geweldige geluidsculptuur te maken, om maar eens een romantisch woord te gebruiken. Ik kan zo verliefd worden op geluiden en zo geraakt dat ik vaak na afloop van een concert direct naar de spelers ren om te vragen hoe ze dat deden. Dat moet ik dan gewoon weten. Mijn eerste fascinatie ligt puur bij geluid. Aan de andere kant, zodra ik een opdracht krijg van een ensemble, zie ik ook meteen de musici zitten op het podium en dat aspect sluipt ook meer en meer de partituur in. Dan wil ik ook spelen met wat de mensen zien van de musici. Ik weet meestal waar ze het stuk voor het eerst zullen spelen, stel me voor hoe dat gaat werken en koppel daar ook beslissingen aan.’
Ze schrijft voor de gelegenheid? ‘Dat is geen bewuste strategie, maar het idee van schrijven voor de eeuwigheid is een vreemd concept voor mij. Natuurlijk vind ik het fantastisch dat er nu, na een paar jaar, een aantal stukken van mij overeind zijn gebleven en nog regelmatig worden gespeeld. Dat ze niet alleen de première blijken te overleven maar ook hun specifieke moment en dat de gelegenheid waarvoor ik het gemaakt heb geen belemmering vormt. Maar in eerste instantie moet het gebeuren voor de opdrachtgever, het ensemble, de serie, het festival. Daarvoor moet het op zijn best zijn. En of het daarna nog een nieuw leven kan krijgen, is geen overweging tijdens het componeren.’

Tekst
Mayke Nas heeft een aantal stukken gemaakt waarin tekst een rol speelt, bijvoorbeeld en je noemt het liefde op een tekst van Ilja Leonard Pfeiffer. Toch doet ze weinig met vocale muziek en dat bevreemdt. Ze heeft immers veel op met tekst? ‘Het is geen bewuste uitsluiting, maar ik vind het moeilijk om tegelijk naar tekst en muziek te luisteren. Dat is een van mijn grote struikelblokken bij opera. Ook dat er vaak zo geaffecteerd gezongen wordt waardoor je er geen woord van verstaat. En dan maakt het niet uit in welke taal het is. Ik ken weinig voorbeelden waarbij de betekenis van de tekst wordt overgedragen en ik ook nog de muziek kan horen. Er zijn wel stukken waarbij de tekst verstaanbaar wordt gemaakt, maar de tekst tot je nemen is nog weer wat anders. Ik was bij de Nacht voor de Poëzie en dat vind ik al een hele inspanning. Normaal als je poëzie leest, lees je flink heen en weer. Je springt nog eens terug en weer vooruit, en als je het hele beeld hebt, lees je het opnieuw van voor naar achter. Die kans krijg je niet als iemand de tekst voorleest. Dan moet je mee in zijn tempo, zijn intonatie, zijn manier van fraseren en rusten inlassen. Dat vind ik moeilijk aan zo’n Nacht, al zijn er altijd wel twee of drie momenten dat je helemaal geconcentreerd met iemand mee kunt, en dat is al prachtig. Als hij het dan ook nog zingend zou doen, nee ... Vrouwen zijn multitasking, maar dat red ik niet.’