overzicht | stuk voor stuk | cd/dvd
To hell! (2005-2008)
Uitgebreide versie, voor altviool en ensemble
<< Stuk terug
Niets nieuws (2008)
Stuk verder >>
No reason to panic (2006-2008)

Schönberg Ensemble
foto: Philip Mechanicus
Instrumentatie: vla solo, fl, ob, cl, b-cl, fag, cor, trp, trbn, pf, perc, 2 vl, vlc, cb

Duur: ± 11 minuten

Eerste uitvoering eerste versie: 20 april 2005 in de Vereeniging in Nijmegen door Susanne van Els en het Schönberg Ensemble o.l.v. Reinbert de Leeuw

Geschreven voor: Susanne van Els en het Schönberg Ensemble

Ter gelegenheid van: het 2000-jarig bestaan van de stad Nijmegen

In opdracht van: het Fonds voor de Scheppende Toonkunst

Recensie van een live-uitvoering: "To hell!, dat teruggrijpt op het verhaal van Mariken van Nieumeghen en haar duivelse liaison, begint tintelend virtuoos met scherpe accenten. De inzet van de altviool (symbool voor Moenen, de duivel) wordt voorafgegaan door een sinister klankbeeld. Heel treffend. Ook de ratelende begeleiding van de soliste door een stroom van ijzingwekkend hoge pianotonen spitst de oren."
(Maarten-Jan Dongelmans in De Gelderlander, 21 april 2005)

Recensies van de CD 'To You': "Hoekig, hijgend en rusteloos klinkt Van Els in To hell! van Mayke Nas, een van de interessantste componisten in Nederland. Bij Nas is de altviool de duivel, die zich aan het eind van het voorthollende stuk nog even verkleedt als Stravinsky. Erg sterk werk, erg sterk gespeeld ook."
(Anthony Fiumara in Trouw, 20 maart 2010)

"To hell! van Mayke Nas schittert in alle geledingen, met van Els als gunnende ziel in het midden."
(Jan van Laar, Elsevier, 27 maart 2010)
Mayke Nas schreef To Hell! oorspronkelijk voor een jubileumconcert ter ere van het 2000-jarig bestaan van de stad Nijmegen, dat in april 2005 plaatsvond. Als inspiratiebron koos zij één van de oudst overgeleverde teksten in de Nederlandse taal: de middeleeuwse parabel Mariken van Nieumeghen. Mayke Nas: ‘Mariken van Nieumeghen zou je kunnen zien als een Faust-legende avant la lettre. Een meisje verkoopt op een zwak moment haar ziel aan de duivel in ruil voor de belofte dat deze haar de zeven vrije kunsten zal leren: retorica, musica, logica, grammatica, geometrie, aritmetica en alchemie.’

Met de keuze van dit onderwerp plaatst Mayke Nas zich in een lange reeks van literaire (Goethe en Thomas Mann) en muzikale (Gounod, Busoni, Wagner, Lizst, Schnittke, Stravinsky en Boehmer) voorgangers, maar zij distantieert zich met kracht van de christelijke connotatie die vaak aan de parabel kleeft: ‘Voor mij zijn Pinkeltje en Pluk van de Petteflet net als God en de duivel figuren uit een boek. Oftewel het product van de menselijke geest. En mensen hebben zowel goede als slechte, respectievelijk goddelijke en duivelse eigenschappen. Dat is waar dit verhaal in mijn ogen over gaat. Wij streven altijd naar meer, beter of gewoon naar anders. Maar voor het ene verlangen betaal je een hogere prijs dan voor het andere. Wanneer gaat je begeerte zo ver dat je er je ziel voor over hebt?’

In To Hell! speelt de altviool met een muzikale kwinkslag die doet denken aan de hoofdpersoon uit een ander beroemd, door Stravinsky getoonzet, ziel-aan-de-duivel-verkoop-verhaal: “L'histoire du soldat”. Het verhaal van Mariken is zeer vroom (geen middeleeuws verhaal zonder moraal), maar in “To hell!” zegeviert de altviool in de rol van de duivel, en is de hel een feestelijke slemppartij.